De banaliteit van het protocol

Veertien zilverlinden op de Kop van Zuid ter herinnering aan een bijzondere Rotterdammer: Jan Zwartendijk.

 

Soms word je voor een onmogelijke keuze gesteld en moet je in een fractie van een seconde beslissen. Je weet het niet maar je voorvoelt dat de rest van je leven ervan af kan hangen. Hoe reageer je dan?

 

In het boek De rechtvaardigen[1] staat het verhaal van Jan Zwartendijk centraal. Hij maakt de juiste keuze door als consul in Litouwen in korte tijd duizenden Joodse vluchtelingen te laten ontsnappen. Bij de Rotterdamse presentatie van het boek benadrukt Jan Brokken wat voor hem de kern is: wat maakt dat je de juiste keuzes op het juiste moment maakt, hoe zou je zelf reageren, wat heb je nodig om de juiste keuzes te maken?

 

Ik doe een poging om een mogelijk antwoord te vinden bij Hannah Arendt. Ik probeer greep te krijgen op haar denken. Dat valt nog niet mee. Het bord in het cursuslokaal komt vol te staan met allerlei trefwoorden, van tijd tot tijd valt de docent stil, staart naar zijn collegetekst en mompelt wat verontschuldigend dat het toch wel een echt Duitse filosofe blijft. 

 

Tijd om eindelijk de film Hannah Arendt uit 2012 te bekijken. In de film staat de episode centraal waarbij zij op uitnodiging van The New Yorker verslag zal doen van het proces Eichmann. Zij slaagt erin om kritisch en onafhankelijk naar het proces te kijken. Zij ziet, in tegenstelling tot velen in Israël en ver daar buiten, Eichmann niet als de verpersoonlijking van Het Kwaad, als Het Monster dat alle joden wilde vernietigen. Zij zag een wat verzenuwde man in een glazen hok die praatte en dacht als een ondergeschikte bureaucraat die een opdracht had gekregen om de treinen te vullen die op tijd van A naar B gingen. Hij voelde zich niet betrokken bij het ‘joodse vraagstuk’, hij was nu eenmaal leider van een eenheid die een opdracht had gekregen en die opdracht zo goed mogelijk uitvoerde.

 

Arendt probeert te doorgronden wat voor een man hij is, wat zijn opvattingen zijn en hoe hij reflecteert over zijn gedrag. Zij komt tot de ontstellende conclusie dat er alleen leegte is, de man uit voortdurend clichés en praat enkel en alleen bureaucraats. Het is de man zonder gedachten.

 

De film geeft een huiveringwekkend beeld van het effect van haar artikelen in The New Yorker, later gebundeld in het boek Eichmann in Jeruzalem, de banaliteit van het kwaad. Vrienden zeggen hun vriendschap op, de universiteit probeert haar te lozen, haar onafhankelijke geest levert haar haat- en doodsbedreigingen op. Haar opvattingen waren in dat tijdsgewricht volstrekt anathema.

 

Misschien wel veel meer dan haar wat duistere boeken geeft de film de kern van haar missie: durf te denken, wees een mens met opvattingen, ook en vooral als je tegen de stroom op moet roeien.  

 

Een man met opvattingen was Jan Zwartendijk. Zwartendijk was in 1940 zakenman, hij opereerde als directeur van Philips in Litouwen. Op het moment dat de Russische tanks aanstalten maken om de Baltische staten te annexeren, juni 1940, wordt hij honorair-consul. In zijn boek beschrijft Jan Brokken hoe Zwartendijk kiest voor het goede. Hij ontdekt een manier om duizenden uit Polen gevluchte Joden het leven te redden. Hij schrijft voor hen visa uit voor Curaçao[2]. Met zo’n visum konden zij met de Trans Siberische Express naar Japan reizen en van daaruit naar alle hoeken van de wereld. Zwartendijk redde zo de levens van duizenden joden. Tragisch genoeg heeft Zwartendijk dit nooit geweten, hij had geen weet hoe het ‘zijn’ vluchtelingen vergaan was. Het bericht dat 90% van de Joodse vluchtelingen aan wie Zwartendijk een visum had verstrekt, de oorlog overleefd had, kwam op de dag van zijn begrafenis.

 

In 1963 gaat het verhaal verder. In een Joodse weekblad in de Verenigde Staten wordt aandacht besteed aan de vraag wie nu eigenlijk de Angel of Curaçao was. Dit leidt uiteindelijk tot een interview met Zwartendijk in de Leeuwarder Courant. Het stuk verhaalt over de unieke periode uit de Nederlandse consulaire historie waarvan tot voor kort zelfs Buitenlandse Zaken (BZ) niet op de hoogte was waarbij de onbekende consul duizenden Joden van de gaskamers gered heeft. In februari 1964 wordt Zwartendijk door BZ uitgenodigd, hij verwachtte op zijn minst enkele waarderende woorden na het interview uit 1963. De waarheid was bitter: hij kreeg een reprimande. De reden? Hij had nooit uitreisvisa mogen verstrekken, hij had zich niet aan de regels van het protocol gehouden. Deze vernedering knakte hem.

 

Hannah Arendt staat symbool voor kritisch en onafhankelijk nadenken, ook als je beschimpt, verlaten en vernederd wordt door je vroegere vrienden. Zij kritiseerde het klakkeloos volgen en beklemtoonde dat waarden belangrijker zijn dan regels. Voor Zwartendijk was hulp aan vluchtelingen vanzelfsprekend. Voor Buitenlandse Zaken was zelfs 18 jaar na het einde van de oorlog het protocol belangrijker.[3]

 

[1] Brokken, Jan (2018).  De rechtvaardigen. Hoe een Nederlandse consul duizenden Joden redde. Amsterdam/Antwerpen: Atlas Contact.

[2] Curaçao was destijds als bereikbaar wanneer de gouverneur toestemming gaf. Deze voorwaarde liet Zwartendijk expres weg. Met behulp van de Japanse consul in Litouwen werd Japan als tussenstation mogelijk zodat de vluchtelingen dwars door de Sovjet Unie konden reizen. 

[3] Ten tijde van het verschijnen van het boek van Jan Brokken zijn vragen gesteld vanuit de Tweede Kamer. Ruim vijftig jaar na dato heeft Buitenlandse Zaken excuses voor de reprimande aangeboden aan de kinderen van Zwartendijk.